Bel ons op +32 (0) 51 57 58 58 of Contacteer ons.
Oliekoeler
- Nieuw Dankzij onze productkennis en opgebouwde relaties met fabrikanten wereldwijd vonden we de meest betrouwbare alternatieven. Beste prijs-kwaliteit.
Beschikbaarheid: Beschikbaarheid opvragen81.96210.0387€ 11,94Richtprijs excl. btw
Equivalenten:
81.96210.0387, 81962100387, 81.96210-0387, 81962100387, 81962100387
De oliekoeler van een hydraulische voorwielaandrijving voert warmte af uit de hydraulische olie die tussen pomp, regelblok en wielnaafmotoren circuleert. Bij langdurige tractieondersteuning en lage rijsnelheden is voldoende koelvermogen essentieel: een te hoge temperatuur verlaagt de viscositeit, vergroot interne lekverliezen en versnelt afdichtingsslijtage. Deze subcategorie betreft HydroDrive- en HAD-koeling, niet de koeling van motorolie of transmissieolie.
MAN HydroDrive komt voor op specifieke uitvoeringen van onder meer TGA, TGS en TGX. Mercedes gebruikt op bepaalde Actros- en Arocs-uitvoeringen HAD (Hydraulic Auxiliary Drive), een afzonderlijk systeem waarvan koelers niet zonder meer uitwisselbaar zijn met MAN-componenten. Deze toepassing betreft vrachtwagens met hydraulische voorwielaandrijving.
Bepaal onderdelen altijd aan de hand van het chassisnummer van het voertuig en controleer de oorspronkelijke onderdeelnummers en uitrustingsgegevens. Visuele vergelijking of selectie op enkel modelnaam volstaat nooit. Ook bij voertuigen met dezelfde motorfamilie, bijvoorbeeld MAN D20 of D26, kunnen leidingaansluitingen, koelerpositie en ventilatoraansturing verschillen.
Maak technisch onderscheid tussen luchtgekoelde hydraulische-oliekoelers en vloeistofgekoppelde warmtewisselaars; de voertuiguitvoering bepaalt het vereiste type. Controleer koelvermogen, toegelaten werkdruk en drukpieken, debiet, drukverlies en temperatuurbereik. De drukklasse moet passen bij het betreffende koelertraject, niet automatisch bij de hogedrukzijde van de aandrijving. Let bij aluminium lamellenblokken op corrosie, bevestigingspassing, aansluitdraad, afdichtingsmateriaal en eventuele geïntegreerde ventilatoren of bypassvoorzieningen. Montageafmetingen en toleranties moeten overeenkomen met de voertuigdocumentatie.
Typische klachten zijn temperatuurwaarschuwingen, verminderde tractieondersteuning na opwarming en hydraulische-olielekkage bij aansluitingen of koelernaden. Dichtgeslibde lamellen, steenslag en trillingsscheuren beperken de warmteafvoer of veroorzaken lekkage. Een defecte ventilator, geknikte retourleiding of interne vervuiling kan dezelfde temperatuurklacht geven als een beschadigde warmtewisselaar.
- Werk veilig: schakel de aandrijving uit, laat het systeem afkoelen en maak het volgens fabrieksvoorschrift drukloos. Controleer op aanwezige restdruk voordat leidingen worden losgenomen; zoek lekkages nooit met de hand.
- Controleer de basis: verifieer hydraulische-oliepeil en voorgeschreven vloeistofkwaliteit. Inspecteer lamellen, luchtgeleiding, bevestigingsrubbers, slangen en koppelingen. Reinig het koelblok met een methode die de lamellen niet vervormt.
- Lees systeemgegevens uit: registreer foutcodes, olietemperatuur en ventilatoraansturing met geschikte diagnoseapparatuur. Vergelijk temperatuurwaarden bij koude start met de omgevingstemperatuur om sensorafwijkingen te herkennen.
- Meet onder reproduceerbare belasting: meet inlaat- en uitlaattemperatuur met contactvoelers en registreer omgevingstemperatuur en bedrijfstoestand. Een temperatuurverschil alleen bewijst geen correct koelvermogen; beoordeel ook luchtstroom en hydraulisch debiet.
- Controleer de doorstroming: meet drukverschil over de koeler via geschikte meetpunten en, indien voorgeschreven, het debiet met een hydraulische debietmeter. Vergelijk uitsluitend bij de voorgeschreven olietemperatuur met de fabrikantsgrenzen. Controleer ventilatorvoeding en aansturing wanneer de luchtstroom onvoldoende is.
Vervang een lekkend of gescheurd koelblok en herstel tegelijk de oorzaak, zoals ontbrekende trillingsisolatie of leidingvoorspanning. Monteer nieuwe voorgeschreven afdichtingen, respecteer aanhaalmomenten en houd aansluitingen spanningsvrij. Na pomp- of wielnaafmotorschade kunnen metaaldeeltjes in koelkanalen achterblijven: volg het reinigings- of vervangingsvoorschrift en vernieuw de betreffende filters.
Vul uitsluitend met de goedgekeurde hydraulische olie en ontlucht volgens de voertuigspecifieke procedure. Controleer vervolgens lekkage, bedrijfsdruk en temperatuur tijdens een belastingproef. Zo voorkomt u dat een nieuwe oliekoeler opnieuw uitvalt door een onopgeloste doorstromings- of ventilatiestoring.
